- Grenzen stellen
  
Stel duidelijke regels en grenzen. Maak duidelijk wat mag en wat niet mag. Zet de basisregels/grenzen voor uzelf en eventuele
  andere gezinsleden op papier. Als een hond vervolgens toch over deze grenzen gaat: Straf hem dan direct (binnen 5 seconden
  na het ongewenste gedrag), maar overdrijf de straf niet, niet   te lang en niet te vaak want dan wordt het effect steeds minder.
- Consequent zijn
  Wees voorspelbaar voor de hond. Hij kan u dan makkelijker vertrouwen, weet hoe u zal reageren en zal u serieus nemen.
  Probeer ook een voorspelbaarheid   en vaste regelmaat in uw gedrag te creëren. U kunt denken aan een vaste eettijden,
  uitlaattijden, trainingsmomenten etc.
- Geef de hond, dagelijks voldoende beweging
  (minimaal 1 x per dag een lange wandeling van 1 uur).
- Belonen / Complimentjes geven
  Zoek positieve kanten bij uw hond. Probeer vooral met deze positieve kanten te werken. Beloon de hond voor gewenst gedrag.
  Deel complimentjes uit!   Probeer het eens met humor. Neem er eens de tijd voor om goed te kijken naar uw hond.
  Schrijf eens op wat u ziet, vooral ook de goede dingen.
  Elke hond doet een heleboel goede dingen waarvoor hij een complimentje verdient!
  Dus:
  Let altijd op de goede dingen die de hond doet.
  Beloon de hond als hij iets goed doet.
  Doe het direct! (Binnen 5 seconden na het gewenste gedrag).
- Rust
  Blijf altijd rustig en kalm in uw omgang met de hond, ga niet schreeuwen en wordt niet ECHT boos.
  Eis/verlang dat de hond zich ook rustig gedraagt. Zorg daarom dat u NOOIT opgewonden of nerveus gedrag beloont,
  dus aai nooit een springende en/of   blaffende hond. Geef de hond regelmatig rust, en zorg dat niemand die rust verstoord.
  Als een hond in een drukke, nerveuze situatie komt, haal hem dan uit   die situatie, leidt hem af en geef hem een commando
  dat hij kent en kan uitvoeren. Dit is vooral belangrijk voor de hond die uit zichzelf niet tot rust komt, die maar bezig blijft.
- Herhaal oefeningen
  Herhaal regelmatig en biedt een nieuwe oefening in kleine stapjes aan.
  Introduceer bijvoorbeeld een nieuw spel of nieuwe oefening niet in zijn geheel, maar train de oefening stap voor stap
  en eindig altijd met een positieve ervaring. Zo bouwt u geleidelijk een nieuwe oefening op.
- Afwisseling bieden
  Biedt afwisselende activiteiten. Onderbreek een langer durende activiteit door bijvoorbeeld een spel- of drinkpauze in te lassen,
  zodat de hond even stoom af   kan blazen. Hierdoor voorkomt u dat erg onrustige honden, die snel afgeleid zijn,
  zich gaan vervelen en dus andere dingen gaan doen zoals blaffen of zeuren.
- Negeren
  Negeer negatief gedrag dat is bedoeld om aandacht te vragen.
  Wanneer u reageert op negatief en aandachtvragend gedrag zal dit het gedrag veelal doen verergeren,
  omdat u het vervelende gedrag als het ware 'beloond' met aandacht. Probeer dus stoer, blafferig, clownesk
  en ander aandachtvragend gedrag te negeren.
  Dus: Reageer niet op aandacht trekken en probeer het vol te houden door zelf iets anders te gaan doen
  en even niet op de hond te letten.
- Onverwacht belangstelling tonen
  Geef aandacht aan de hond op een moment dat hij het niet verwacht.
  “Luister” naar wat de hond echt “zegt”, of wat hij bedoelt te zeggen. Een hond kan bijvoorbeeld heel dwars zijn,
  omdat hij ergens juist bang voor is.
  Reageer dan niet op het dwarse gedrag, maar kijk naar de angst en zoek daar een oplossing voor.
  Of ga zomaar eens bij uw hond zitten als hij rustig ligt en praat dan rustig tegen hem en aai hem rustig
  en vertel hem hoe “braaf” hij is.
  Geef zoveel mogelijk aandacht aan het gewenste gedrag dat de hond laat zien.
  Zeg wat de hond goed doet, de hond krijgt hierdoor meer zelfvertrouwen.